|
Jean-Baptiste Camille Corot geboren op 16 juli 1796 in Parijs. Hij overleed op 22 februari 1875. Zijn vader was pruikenmaker en had een lakenhandel, terwijl zijn moeder een modistenwinkeltje openhield. De zoon was aldus voor de handel bestemd.
Toen Jean-Baptistre 26 was, gaf hij zijn handelsloopbaan op en koos voor het beroep van schilder. Hij ging in de leer bij Achille Etna Michallon en later bij Victor Bertin die een school leidde in landschap schilderen in de stijl van Poussin. Poussin en Lorrain zijn altijd zijn voorbeelden gebleven.
Toch was hij geen echte romanticus, zoals de schilders van de School van Barbizon. Hij bleef trouw aan de traditie van het classicisme. Onder invloed van Lorrain en het landschap van Italië koos hij voor klassieke vormen. Nieuw waren echter het poëtische element en de grote natuurlijkheid die hij zijn landschappen meegaf. Hij idealiseerde de landarbeiders niet, zoals Millet en Courbet dat deden, en hield zich ook buiten de ideologische discussies.
Later ging Corot ook over tot figuurschilderen. De grootste invloed oefende hij echter, door zijn wijze van werken, uit op de landschapsschilders van de tweede helft van de negentiende eeuw, met name op Pissarro en Monet.
Wegens zijn sfeer schildering en specifieke lichtval kreeg Corot al gauw de naam van de aanbidder van schemering en morgenrood. De losheid en de trefzekerheid van zijn schilderen en zijn schilderkunstige vrijheid van vormgeving wordt zelfs niet door de Impressionisten overtroffen.
Corot combineerde de romantische en classisistische manier van schilder
met de een vroeg impressionistisch gevoek voor kleur. In zijn latere werk wordt de sfeer de belangrijkste drager van de expressie.
|