Vioolbouw
De Viool
De viool is wellicht het meest bekende en het mest bespeelde concertinstrument in de westerse muziekcultuur. Het is het kleinste van de familie strijkinstrumenten. De klankkast is 35.5 cm lang. De toonomvang van de viool is minstens drie octaven. De snaren zijn G-D-A-E gstemd. De Altviool, de cello en de contrabas behoren ook tot deze groep chordofonen. Dit zijn instrumenten waarbij het geluid wordt geproduceerd door snaren in trilling te brengen. Bij strijkinstrumenten gebeurt dit door middel van een strijkstok. De altviool is iets groter dan de viool. De lengte van de klankkast bedraagt ongeveer 43 cm. De klank is daarom lager en donkerder. De altviool is vijf tonen, een kwint, lager gestemd dan de viool. De stemming van de snaren is C-G-D-A. De toonomvang is ook minstens drie octaven. De cello, of eigenlijk violoncello, is een basviool en wordt vanwege zijn omvang tussen de knieën bespeeld. De snaren zijn hetzelfde gestemd als bij de altviool maar dan een octaaf lager. D e toonomvang is drie en een halve octaaf. De klankkast heeft een lengte van 75 cm.
vervolg